Beter binnenklimaat

Binnenklimaat

Een comfortabel binnenklimaat wordt door drie aspecten bepaald: lucht temperatuur (convectie), temperatuur van de oppervlaktes in de ruimte (warmte-uitwisseling door straling) en koude lucht verplaatsing (tocht). 
Over het algemeen wordt een ruimte met een gevoelstemperatuur tussen de 18oC en 22oC als aangenaam ervaren. Om het comfortniveau te handhaven is het verstandig om de luchtverplaatsing te minimaliseren.

De bijdrage van convectie en straling op de gevoelstemperatuur zijn ongeveer gelijkwaardig. Een belangrijk verschil is dat bij stralingswarmte direct de temperatuur voelbaar is, terwijl in het geval van convectie de ruimte langzaam opwarmt door ingeblazen warme lucht. Hierdoor ontstaat het fenomeen dat de gevoelstemperatuur in een ruimte met koude lucht en vloerverwarming als aangenaam ervaren wordt , terwijl een groot raam met ijsbloemen in een vertrek met warme lucht als onprettig wordt ervaren.

Systemen met lucht (convectie)

Wanneer je het comfortnivau wilt bereiken door middel van het koelen of verwarmen met lucht dan moet je rekening houden met het feit dat de oppervlaktes een constante temperatuur blijven behouden. Met name in de winter en zomer periodes kan de temperatuur  van de omliggende oppervlakken sterk afwijken van de gewenste gevoelstemperatuur. Deze oppervlakte temperaturen variĆ«ren van ca. 10oC tot boven de 30C. Om dit te compenseren, moet de luchttemperatuur zeer hoog of zeer laag zijn. Deze temperatuurverschillen worden door de gebruiker niet als aangenaam ervaren. Daarnaast wordt er relatief veel lucht verplaatst, wat ook nadelig is voor de gevoelstemperatuur. Vaak wordt er dan gekozen voor het systeem van topkoeling. Hiermee moet je wel accepteren dat op een aantal dagen per jaar het comfortniveau niet wordt bereikt.

Bouwdeelactivering (straling)

Indien gebruik wordt gemaakt van bouwdeelactivering worden de oppervlaktes constant op temperatuur gehouden, vaak ca. 20oC. Bij een luchttemperatuur variƫrend tussen de 16oC en 24oC geven de oppervlaktes een prettig (verwarmend of koelend) effect. Dit verhoogt het comfortniveau en zorgt ervoor dat de gevoelstemperatuur binnen de gewenste range blijft.

Naast stralingswarmte zorgt bouwdeelactivering ook voor convectie. Doordat de bouwdelen een deel van de warmte overdragen aan de lucht. Het aardige hierbij is dat hoe groter het temperatuursverschil hoe sneller de luchttemperatuur zich aanpast. Hierdoor wordt voorkomen dat de luchttemperatuur buiten de benodigde range geraakt.

Slimme bouwdeelactivering

De Slimline vloersystemen zijn meestal uitgerust met bouwdeelactivering. Slimline heeft als voordeel boven andere systemen met bouwdeelactivering dat zowel plafond als vloer actief gebruikt worden om het comfortniveau te verhogen. Dit heeft twee voorname voordelen. Ten eerste wordt de oppervlakte die warmte of koelte uitstraalt, vergoot. Ten tweede wordt de convectie versterkt doordat met plafond wordt gekoeld (koele lucht daalt) en/of met de vloer wordt verwarmd (warme lucht stijgt).